Het KNMI gebouw in 1944
Foto: KNMI
Achtergrond

KNMI in oorlogstijd

In de week waarin Nederland zijn oorlogsslachtoffers herdenkt staat ook het KNMI stil bij de meteorologische dienstverlening tijdens de Tweede Wereldoorlog. Weersinformatie en weerberichten zijn ten tijde van oorlog van groot militair strategisch belang.

Het KNMI anticipeerde tijdig op de dreigende oorlog. Na de mobilisatie in 1939 werd samen met Defensie een regeling getroffen voor de inrichting van een Algemeen Weerstation dat in oorlogstijd het centrum van samenwerking tussen het KNMI en Defensie moest worden. Na de Duitse inval op 10 mei 1940 vertrok een aantal medewerkers naar Badhoevedorp voor de inrichting van het Algemeen Weerstation. Dezelfde dag stopte het KNMI met de levering van publieke weerberichten aan de media.

De 'K' van Koninklijk verdween uit de naam van het instituut en de weerkamers werden gesloten

Na de capitulatie kwam het KNMI onder Duits gezag. De 'K' van Koninklijk verdween uit de naam van het instituut en de weerkamers in De Bilt en op Schiphol werden gesloten. Een Joodse bibliothecaresse werd ontslagen. Het werk ging echter zoveel mogelijk door maar beperkte zich voornamelijk tot wetenschappelijk onderzoek, klimatologie en aardmagnetisme. De weerkundige waarnemingen in De Bilt en op een aantal weerstations in het land werden ondanks de oorlog voortgezet ten behoeve van de klimatologie.

In 1942 werd op gezag van Berlijn de Duitse leiding vervangen waardoor de touwtjes werden aangetrokken en de spanningen binnen het instituut toenamen. Tegen het einde van de oorlog zijn miljoenen ponskaarten en zo’n 20.000 onvervangbare scheepsjournalen naar Duitsland weggevoerd. De ponskaarten zijn teruggekomen maar de scheepsjournalen niet waardoor een schat aan gegevens verloren is gegaan.

In de laatste oorlogsmaanden werd de situatie steeds moeilijker en op 26 maart 1945 werd het KNMI tijdelijk gesloten. De KNMI-gebouwen werden tot verboden terrein verklaard. Enkele medewerkers verzorgden clandestien waarnemingen voor de geallieerde oorlogsvoering en een van hen, Guus van Ginkel, is gefusilleerd.

Oorlogsslachtoffers

Guus van Ginkel

Radiotelegrafist en waarnemer Guus van Ginkel kwam in 1943 in contact met een Utrechtse verzetsgroep die allerlei voor de geallieerden belangrijke informatie naar Londen seinde. Hij voorzag die groep wekelijks van meteorologische waarnemingen, waarmee de dagelijkse waarnemingen van de verzetsgroep in het centrum van Utrecht konden worden geijkt. Die activiteit was door de nazi’s streng verboden.

De waarnemingen die tijdens de jaren van de Tweede Wereldoorlog door het KNMI werden gedaan, waren uitsluitend bedoeld voor klimatologische doeleinden en mochten onder geen beding naar buiten komen.

Weerkundige gegevens waren van strategisch belang voor de geallieerden

Guus van Ginkel werd op 17 november 1944 op het KNMI gearresteerd en opgesloten in het Amsterdamse Huis van Bewaring. Als vergelding voor een aanslag op een trein op 15 december werd hij op 33-jarige leeftijd samen met twee andere gedetineerden nog diezelfde dag aan de spoordijk gefusilleerd.  Guus van Ginkel en zijn kameraden worden herdacht met een monument op de plaats waar hij is gefusilleerd, een monument op de Erebegraafplaats in Bloemendaal en met een plaquette in de ontvangsthal van het KNMI.

Kittie Koperberg

De joodse bibliothecaresse Kittie Koperberg trad in 1938 in dienst van het KNMI. Daarvoor was ze een aantal jaren als biologe werkzaam bij de Amsterdamse Keuringsdienst van Waren. Op 21 november 1941 werd zij samen met 2500 andere joodse ambtenaren ontslagen in opdracht van Seyss-Inquart. Samen met haar zus dook ze onder in Epe, maar door een ongelukkig toeval werd hun schuilplaats ontdekt en werden ze samen met zeven mede-onderduikers gearresteerd. Via de Hollandse Schouwburg en Westerbork werden zij naar vernietigingskamp Sobibór vervoerd waar zij direct na aankomst op 14 mei 1943 werden vermoord.  

Oud-KNMI medewerker Fons Baede dook in de geschiedenis en schreef een schets van het leven van Kittie Koperberg. In het KNMI-gebouw in De Bilt wordt ze herdacht met een raam waar haar beeltenis op is te vinden te midden van haar toenmalige collega’s.    

Jaarboek uit 1941 niet van het KNMI maar van het NMI. Onder Duits gezag verdween de K van koninklijk uit de naam van het instituut ©KNMI
KNMI-radiotelegrafist/observator August Johannes van Ginkel, die ondergronds waarnemingen verzorgden voor de geallieerde oorlogsvoering werd door de Duitsers gefusilleerd ©KNMI
KNMI-bibliothecaresse Kittie Koperberg is slachtoffer geworden van de rassenwaan van de nazi’s ©KNMI
Niet gevonden wat u zocht? Zoek meer achtergrond artikelen