Jaar 2021

Gemiddeld normaal met recordaantal codes oranje en rood

Winterse periode in februari, wateroverlast in juli

2021 was met een  gemiddelde tempratuur van 10,4 °C vrijwel normaal (10,5 °C). De laagste temperatuur, -16,2 °C  werd op 9 februari in Hupsel gemeten. De hoogste temperatuur werd ook in Hupsel gemeten, op 17 juni en bedroeg 34,0 °C. Mei en vooral april waren zeer koel, ook augustus was een koele maand. Juni was de warmste junimaand sinds 1901. Vanaf september waren alle maanden (ruim) warmer dan normaal.

Record aantal keren code oranje of rood

Het jaar kenmerkte zich verder door de drie codes rood die het KNMI uitgaf: voor sneeuwjacht en ijzel in februari en voor de extreme neerslag in Limburg in juli. In juni zorgde een valwind voor grote schade in Leersum. In 2021 werd 12 keer een code oranje of rood uitgegeven, het hoogste aantal sinds het bestaan van de huidige waarschuwingssystematiek (2010).

Januari was nat en somber met een vrijwel normale temperatuur. Rondom de jaarwisseling was er, mede als gevolg van het afsteken van vuurwerk, zeer dichte mist met plaatselijk een zicht van minder 10 meter. Hiervoor gaf het KNMI een Code Oranje uit voor het midden en westen. Hoewel het soms vrij koud was met ’s nachts vorst, was het niet echt winters, ijsdagen kwamen niet voor. Op 16 januari viel overal 1-4 cm sneeuw, het eerste grootschalige sneeuwdek sinds februari 2019.

Winterse week, twee keer code rood én lenteachtig

Februari was zonnig, droog en met 4,3 °C tegen normaal 3,9 °C aan de zachte kant. Van 7 tot en met 14 februari was het winters met de eerste dagen veel sneeuw, in het oosten lag 15-20 cm. Omdat het KNMI een Code Rood voor sneeuwjacht uitgaf kreeg het verantwoordelijke lagedrukgebied de naam Darcy. Voor het eerst sinds 2013 lag  in een groot deel van Nederland langere tijd sneeuw. Overdag bleef de temperatuur vaak onder het vriespunt. In de Bilt waren er 7 ijsdagen. De  winterse periode eindigde op de 15e met in de noordelijke helft ijzel, hiervoor gaf het KNMI code rood uit. Het contrast met de laatste week was groot: deze verliep lenteachtig met in De Bilt van 20-25 februari een maximumtemperatuur van 15,0 °C of hoger. Nog nooit zo vroeg kwam de temperatuur zo vaak boven 15 °C.

Zeer koude lente

Met een gemiddelde temperatuur van 8,1 °C ten opzichte van het langjarig gemiddelde van 9,9 °C was de lente zeer koud. Met gemiddeld 174 mm neerslag was het nat.  De zonneschijn was vrijwel normaal.

Vroeg zomerweer eind maart

Maart was aan de droge en zonnige kant met een normale gemiddelde temperatuur. De maand verliep meestal iets aan de koude kant, maar de laatste dagen waren zacht met in het zuidoosten plaatselijke zomerse maxima (25 °C) of hoger.

Zeer koude april

April was met een gemiddelde temperatuur van 6,7 °C ten opzichte van het langjarig gemiddelde van 9,8 °C zeer koud, het was zelfs de koudste april sinds 1986. De neerslag was vrijwel normaal, de maand was aan de zonnige kant. In de ochtend van 7 april lag er in het zuidoosten 2-5 cm sneeuw, in Limburg zelfs 10 cm.

Tweede koude lentemaand op rij

Mei zette de kou van april voor, met 11,2 °C was het ruim twee graden te koud. Mei was zeer nat met landelijk 90 mm tegen 55 normaal. In het oosten van Brabant was het op 7 mei in de vroege ochtend wit van de sneeuw. Snel daarna, op 9 mei, werd het in het zuiden zomers warm. Er was meestal maar weinig zon, de laatste vier zeer zonnige en zachte dagen maakten een deel van de somberheid goed.

Zomer met twee gezichten

De zomer kende twee gezichten. Juni was met 18,2 °C tegen normaal 16,2 °C de warmste junimaand sinds 1901. De hitte eindigde op 18 juni met zware onweersbuien, waarna de rest van de zomer nat en steeds koeler verliep. Van 13 tot en met 15 juli viel in het zuidoosten extreem veel regen, wat tot overstromingen leidde. In Duitsland vond de grootste watersnood sinds 1962 plaats. Op KNMI neerslagstations viel deze zomer op 10 dagen ergens in Nederland mm 50 mm regen.

Warm zomerweer tot en met 18 juni

De extreme warmte duurde tot en met 18 juni. De hoogste temperatuur van het jaar werd op 17 juni in Hupsel gemeten, 34,0 °C. Aan het einde van de maand werd het nog kortdurend zomers warm. De natte maand werd gekenmerkt door zware onweersbuien. De eerste dagen waren er in het oosten verspreid zware buien. Op 18 juni werd het Utrechtse Leersum getroffen door een valwind tijdens een onweersbui met grote schade tot gevolg. Het KNMI gaf een code oranje uit. Op 29 juni werd het zuiden van Limburg getroffen door zware buien. In Beek viel 87 mm, meer dan de normale maandhoeveelheid van 69 mm. Ook hiervoor gaf het KNMI code oranje uit. Vanwege de uitbundige zonneschijn in de warme periode was juni een zonnige maand.

Wateroverlast in het zuidoosten

Juli was aan de koele en sombere kant en wat betreft neerslag vrijwel normaal. Het was vaak gematigd warm zomerweer met maxima tussen 20 en 25 °C. De neerslag was ongelijk verdeeld: in het noordwesten was het droog met plaatselijk maar 30 mm. In het zuiden van Limburg viel echter 150 tot plaatselijk meer dan 200 mm. Van 13-15 juli viel in Zuid-Limburg plaatselijk meer dan 150 mm, ruim twee keer wat normaal in een maand valt. Het KNMI gaf een code oranje en op 15 juli uiteindelijk rood uit. Het leidde in het zuidoosten van Nederland tot grote wateroverlast, ook langs de Maas. In Het westen van Duitsland en het noordoosten van België leidde het tot een watersnood met meer dan 300 doden.

Natte augustusdag in Friesland

Augustus wat met 16,9 °C een graad te koel. Het was een sombere maand met veel wisselvallig weer. Tocht was het wat aan de droge kant. Op 22 augustus viel in Friesland veel regen, 50 tot plaatselijk meer dan 100 mm.

Zachte en zonnige herfst

De herfst was zacht, zonnig en aan de droge kant. Alle maanden waren te warm, vooral september. Gemiddeld was de herfst aan de droge kant, in het zuidoosten was het zeer droog. In september was er nog een nazomerse periode, eind november hadden we te maken met de eerste winterse verschijnselen in de vorm van vorst en sneeuw op grotere schaal.

Nazomers

September was een rustige, in het midden en zuiden zonnige, warme en zeer droge nazomermaand. Op de meeste dagen kwam de temperatuur wel boven 20 °C. Pas op de laatste dagen was het koel en viel regen van betekenis, daarvoor was vooral in het westen vrijwel geen regen gevallen. In het zuidoosten was het zeer zonnig.

Natte oktober

Oktober was vooral nat, verder verliep de maand weinig opvallend zonder grote uitschieters. Zoals gebruikelijk vroor het voor het eerst in het winterseizoen. In Ell werd het op 16 oktober -0,6 °C. Vooral in de kustgebieden was het nat. Plaatselijk viel meer dan 170 mm, meer dan anderhalve keer de normale hoeveelheid in oktober.

November was ook wat zachter dan normaal, gemiddeld was het droog. Vooral het oosten was droog, in het westen was het duidelijk natter dan normaal. Aan het einde van de maand was het nat en ook koud weer met op 22 november in De Bilt de eerste vorst van het winterhalfjaar. Op 27 november viel in het oosten een paar cm sneeuw.

IJzel in zachte december

December was met 5,2 °C zacht. Ook was het droog en wat te somber. Vaak was het (zeer) zacht, vooral aan het einde van de maand. Vlak voor (21 en 22 december) en tijdens de kerstdagen was het in het grootse deel van Nederland zonnig en koud winterweer. Het KNMI gaf 3 maal een Code Oranje voor ijzel uit: op 11; 23 en 27 december.

In De Bilt kwamen voor: 2021 Normaal
IJsdagen (max. temp. lager dan 0,0 °C) 7 8
Vorstdagen (min. temp. lager dan 0,0 °C) 50 53
Warme dagen (max. temp. 20,0 °C of hoger) 97 93
Zomerse dagen (max. temp. 25,0 °C of hoger) 20 28
Tropische dagen (max. temp. 30,0 °C of hoger) 1 5

In Deelen vroor het dit jaar het meest, in 74 etmalen. In het zuidoosten waren er op meerdere stations 108  warme dagen. In Arcen waren er 37 zomerse dagen. In het zuiden waren er op meerdere plaatsen 3  tropische dagen.

Zon

Met landelijk gemiddeld 1800 uur zon was 2021 iets zonniger dan normaal. Normaal is 1774 uur. Februari en  juni waren zonnig. Sombere maanden waren januari en augustus. Het minst zonnig was het in het oosten met in Twenthe 1657 uur zon. Aan de kust was het het zonnigst: in Vlissingen scheen de zon 1947 uur.

Neerslag

Met landelijk gemiddeld 798 millimeter viel in 2021 vrijwel de normale hoeveelheid neerslag. Normaal valt gemiddeld over het land 795 millimeter. In het midden en in Flevoland was het plaatselijk duidelijk droger dan normaal. Het droogste KNMI-station was Herwijnen met 688 mm. In het zuiden van Limburg en in het noordwesten was het natter dan normaal. Het natste KNMI station was Wijk aan Zee met 938 mm. Februari, november en vooral september waren droge maanden. Juni was nat met de nodige zware onweersbuien. In juli viel vooral de extreme hoeveelheid regen in het zuiden van Limburg rond het midden van de maand op. Eind augustus viel in Friesland veel regen.

Van 7 tot en met 15 februari lag er met uitzondering van het zuiden van Limburg sneeuw, in het oosten 15-20 cm.

KNMI, Weer- en klimaatdiensten, 1 januari 2022, Adrie Huiskamp