De speelbaarheid van voetbal, de populairste sport van Nederland, is sterk afhankelijk van het weer. Het afgelopen WK maakte opnieuw zichtbaar hoe hitte, onweer en hevige neerslag voetbalwedstrijden kunnen beïnvloeden. In Nederland zorgt langdurige droogte er bij de start van het nieuwe amateurvoetbalseizoen voor dat veel voetbalvelden moeilijk of niet bespeelbaar zijn. Dit laat zien dat het belangrijk is om te weten onder welke weersomstandigheden voetbalwedstrijden plaatsvinden. Om die reden onderzochten het KNMI en de KNVB hoe het weer het amateurvoetbal beïnvloedt en hoe dit door klimaatverandering kan veranderen. Voor het onderzoek is data van ruim 14 miljoen amateurvoetbalwedstrijden gekoppeld aan gegevens over weer en klimaat. De resultaten geven een eerste beeld van de omstandigheden waaronder er nu en in de toekomst gevoetbald wordt: meer en vaker warmte rond de start en het einde van het seizoen en mogelijk ook minder koude omstandigheden in de winter.
De blootstelling van amateurvoetballers aan hitte en kou tijdens wedstrijden in de periode 2005-2024 is bestudeerd aan de hand van hittekracht en windchill (gevoelstemperatuur). De hittekracht wordt weergegeven op een schaal van 0 tot 10, waarin luchttemperatuur, luchtvochtigheid, zonnestraling en windsnelheid worden gecombineerd tot een maat voor de hittebelasting van het menselijk lichaam. Bij amateurvoetbal is het nog onduidelijk vanaf welke hittekracht gezondheidsrisico’s voor voetbalspelers ontstaan en beschermende maatregelen nodig zijn. Ook speelt bij hittebelasting mee dat veel amateurwedstrijden op kunstgras worden gespeeld, dat op warme dagen sterker kan opwarmen dan natuurgras. Als grenswaarde voor wedstrijden bij relatief warme omstandigheden is in dit onderzoek hittekracht 6 gehanteerd. Deze waarde werd in De Bilt in de periode 2005-2024 op gemiddeld 24 dagen per jaar overschreden.
Bij lage temperaturen zorgt wind ervoor dat het lichaam sneller warmte verliest en het kouder aanvoelt. Naarmate het harder waait, neemt dit effect toe. Windchill combineert de temperatuur en windsnelheid tot een maat voor de gevoelstemperatuur en geeft daarmee een beeld van de koudebelasting tijdens wedstrijden in de wintermaanden.
In Nederland werden de meeste amateurwedstrijden rondom de zomer uit de periode 2005-2024 gespeeld in de maanden mei (ruim 1 miljoen) en september (bijna 2,5 miljoen) (afbeelding 1). In deze maanden werd een aanzienlijk deel van de wedstrijden bij een hittekracht van 0 gespeeld (respectievelijk 44% en 27% in mei en september). De overige wedstrijden werden gespeeld bij een hogere hittekracht. 0,9% van de wedstrijden in mei en 2,2% van de wedstrijden in september vonden plaats bij hittekracht 6 en hoger. Die percentages lijken op het eerste gezicht laag, maar komen neer op ruim 10.000 wedstrijden in mei en ruim 53.000 wedstrijden in september over een periode van 20 jaar.
Als de wedstrijden uit de periode 2005-2024 plaats zouden vinden in een toekomstig klimaat, neemt het aantal wedstrijden onder een hoge hittekracht toe (afbeelding 1). In september is deze toename het grootst: in het 2050-Hd-scenario van de KNMI’23-klimaatscenario's wordt 4,2% van de wedstrijden gespeeld bij een hittekracht 6 of hoger. Dat zijn ruim 101.000 wedstrijden, grofweg een verdubbeling ten opzichte van het huidige klimaat. Juist in deze maand komen de competities na een zomerstop weer op gang en zijn voetbalspelers mogelijk niet gewend aan het sporten in de hitte.
Afbeelding 1: De hittekracht van voetbalwedstrijden gespeeld in de maanden mei, juni, augustus en september in de periode 2005-2024 in het huidige en toekomstige klimaat. Verschillen onder de 1000 zijn niet aangegeven.
Tijdens de maanden rondom de winter in de periode 2005-2024 werd 14% van de wedstrijden (ongeveer 820.000 wedstrijden) gespeeld bij een gevoelstemperatuur lager dan 0 °C (afbeelding 2). De winterstop in december en januari voorkwam dat er meer wedstrijden gespeeld werden onder deze winterse omstandigheden. Omdat klimaatverandering ook de Nederlandse winters treft, zullen de wedstrijden in de maanden rondom de winter onder een gemiddeld hogere gevoelstemperatuur gespeeld worden in een toekomstig klimaat (afbeelding 2). In het 2050-Hd-scenario zou bijvoorbeeld nog maar minder dan 8% van de wedstrijden worden gespeeld bij een gevoelstemperatuur onder 0 °C, ruwweg een halvering ten opzichte van het huidige klimaat.
Verder valt op dat de temperatuurverdeling van december, januari en februari in het toekomstige klimaat verschuift naar die van november en maart in het huidige klimaat. Ook in de koudste maanden van het jaar neemt de koudebelasting dus af en worden de speelomstandigheden op basis daarvan gunstiger. De totale speelbaarheid blijft echter ook afhankelijk van andere factoren, zoals neerslag en de staat van de velden.
Afbeelding 2: De gevoelstemperatuur van voetbalwedstrijden gespeeld in de maanden november, december, januari, februari en maart in de periode 2005-2024 in het huidige en toekomstige klimaat. Verschillen onder de 1000 zijn niet aangegeven.
Door klimaatverandering zullen de omstandigheden waaronder amateurvoetbalwedstrijden worden gespeeld merkbaar veranderen. Warmere winters zorgen ervoor dat de speelomstandigheden in de wintermaanden gunstiger worden wat koudebelasting betreft. Tegelijkertijd zorgen warmere zomers ervoor dat het aantal wedstrijden onder een hoge hittekracht toeneemt. Aanpassing aan deze warmere omstandigheden kan bijdragen aan het behoud van de speelbaarheid van het amateurvoetbal, bijvoorbeeld door drinkpauzes in te lassen en te zorgen voor goede schaduwplekken op de verenigingen tijdens warme periodes.
Tegelijkertijd blijft het belangrijk de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen om benodigde aanpassingen tot een minimum te beperken. Een initiatief dat hieraan bijdraagt is De Groene Club, waarmee de KNVB amateurverenigingen helpt beter voorbereid te zijn op de toekomst door te verduurzamen en hun klimaatimpact te verkleinen.
Tot slot is meer onderzoek nodig om vast te stellen vanaf welke hittekracht gezondheidsrisico's voor amateurvoetballers optreden. Daarmee kan beter worden bepaald wanneer maatregelen noodzakelijk zijn en kan gerichter hittebeleid worden ontwikkeld, bijvoorbeeld in de vorm van een waarschuwingssysteem om amateurclubs tijdig te attenderen op aanstaande hitte.
Onderstaande infographic geeft meer informatie over de achtergrond, methoden en belangrijkste resultaten van het onderzoek.
Het stormseizoen is weer begonnen en daarmee worden ook de nieuwe stormnamen bekend gemaakt. We s...
01 september 2026 - NieuwsberichtMet een gemiddelde temperatuur van 19,3 °C tegen 17,5 °C normaal was het de warmste zomer sinds h...
31 augustus 2026 - NieuwsberichtDonderdagavond 27 augustus heeft de Europese ruimtevaartorganisatie EUMETSAT, in samenwerking met...
28 augustus 2026 - NieuwsberichtSlechts drie namen van onze stormnamenlijst 2025-2026 zijn afgelopen stormseizoen gebruikt. Een w...
25 augustus 2026 - Nieuwsbericht