Persbericht

Uitreiking van Koninklijke onderscheidingen en beloningen aan koopvaardijofficieren 2000

04 december 2000

Op woensdag 6 december 2000 heeft staatssecretaris Monique de Vries van Verkeer en Waterstaat bij het KNMI Koninklijke onderscheidingen en beloningen uitgereikt aan koopvaardijofficieren. De officieren hebben zich verdienstelijk gemaakt door waarnemingen van het weer door te sturen aan het KNMI.

Nederland kent door haar lange historie als belangrijke zeevarende natie al bijna anderhalve eeuw de traditie prijzen aan zeevarenden uit te reiken voor het beste scheepsjournaal. Al in 1854, het oprichtingsjaar van het KNMI, loofde de Koninklijke Nederlandsche zeil- en roeivereniging te Amsterdam een zeevaartkundig instrument of boekwerk uit ter waarde van f 200,- aan de gezagvoerder der Nederlandsche Koopvaardijvloot. De scheepsjournalen werden aan het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut geleverd en beoordeeld. In het jaarverslag van het KNMI over de jaren 1870 - 1871 wordt voor het eerst melding gemaakt van zilveren medailles toegekend door Z.M. de Koning. Uit een lijst met namen van gezagvoerders vermeld in "Mededelingen uit de journalen" (1896) blijkt dat deze medailles in de periode 1870 - 1894 praktisch elk jaar werden toegekend als erkenning van aan het KNMI bewezen diensten door het overleggen van verdienstelijke journalen. Bij Koninklijk besluit van 30 januari 1905 werd een wijziging ingevoerd: voortaan was de Minister van Waterstaat gemachtigd stuurlieden van schepen in de grote Handelsvaart een beloning toe te kennen wegens hun aandeel in het meteorologisch werk op zee. Het betreft hier beloningen in de vorm van binocles, barometers, boekwerken en dergelijke.

Vandaag de dag wordt deze traditie nog steeds voortgezet en reikt de staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat de onderscheidingen en beloningen uit aan koopvaardijofficieren.

De waarnemingen die de schepen elk uur aan het KNMI sturen, leveren nog steeds een belangrijke bijdrage aan de weersverwachtingen van het KNMI en andere nationale weerinstituten. Verspreiding over de hele wereld gebeurt via het Global Telecommunication System. Zo worden dagelijks 43.000 scheepswaarnemingen uit 14 landen over de hele wereld uitgewisseld, waaronder 4.000 Nederlandse. Sinds 1940 geldt er een vrije uitwisseling van deze gegevens. Ten tijde van de VOC was dit wel anders, toen waren waarnemingen bedrijfsgeheim, wegens hun economische rol bij de routering van schepen.

De meteoroloog krijgt, naast gegevens afkomstig van de satelliet, door deze waarnemingen inzicht in de actuele weersituatie op zee. Omdat het Nederlandse weer meestal van de oceaan afkomstig is, is inzicht in de weersontwikkelingen in dit gebied van groot belang.

Daarnaast worden deze scheepswaarnemingen gebruikt om diverse computerweermodellen met een beginsituatie te kunnen laten rekenen in de toekomst. Zo ook het computermodel van het Europese Weercentrum voor Middellange Termijnverwachtingen in Engeland, dat gebruikt wordt om meerdaagse verwachtingen op te kunnen stellen, die vervolgens weer wereldwijd door tientallen langen worden afgenomen.

De weersverwachtingen, wind- en stormwaarschuwingen worden niet alleen gebruikt door het publiek en de luchtvaart, ook door de zeevarenden langs de Nederlandse kust, door rederijen en offshorebedrijven. De verwachtingen en waarschuwingen zijn niet alleen van belang voor de veiligheid op land en op zee, ze dienen ook een economisch belang. Op basis van deze verwachtingen bepalen schepen de meest economische route.

Naast de meteorologisch belangrijke rol, speelt de scheepsinformatie ook een niet onbelangrijke rol in het wereldwijde wetenschappelijke onderzoek naar klimaat en klimaatverandering. Hierbij neemt het KNMI van oudsher een belangrijke positie in op het gebied van oceanografisch onderzoek.

De onderscheidingen zijn aan de volgende kapiteins en stuurlieden overhandigd:
H. Flameling, J. Orsel, J.A.M. Peeters, H. Brouwer, N. Bijsterbosch, J. Boogaard, M. Buurs, M.K. Daane, J.F.E. van Dijk, F. Karmelk, P.G. Klanker, M. Mennega, J.A.H. van der Meulen, J.W. Moerbeek, C.F. Mol, A.J. Oranje, C. Pronk, A.M. Roeleveld, F.J.H. Roelofsen, P.J. van Roon, C.H. Schenkenberg, G.A. Smit, P.J. Snijders, C.J.W. Spronk, S.P.H. de Vries, P.F. de Waard, L.J.M. Bauman, F.J.M. Donker, W.H.D. Fockema Andreae, G.G. Ganzeveld, F.J.I.M. Hagenaars, C.J. Hoogerwerf, L.W. van Kampen, G.I. Koffeman, P.P.M. Koop, H.T.J. Koordes, G. Kuijper, P.C.D. Laverman, J.L.M. Lebert Blok, R.N.M. Schenkeveld, C.W. Schipper, H.H.G. Slabbers, R. Wiersma, R.E. de la Rambelje, A.J.J.M. Spruyt, W.J. Stadt en D. Smit.

Recente nieuwsberichten

  1. Het klimaat verandert. Toch?

    Het klimaat verandert. Dit zien we overal om ons heen en metingen tonen dit ook aan: het is op de...

    21 mei 2019 - Persbericht
  2. Zonnig maar koud

    Mei was tot nu toe relatief koud. Toch was er op sommige dagen veel zon. Hoe is in Nederland het ...

    14 mei 2019 - Persbericht
  3. CO2: top of flop?

    Zonder CO2 en andere broeikasgassen lag de temperatuur op aarde veel lager. Ze zijn om die reden ...

    07 mei 2019 - Persbericht
  4. April was zeer zacht met veel zon

    April was zeer zacht, met in De Bilt gemiddeld 10,9 °C tegen normaal 9,2 °C. April is de 13de maa...

    30 april 2019 - Persbericht
Toon alle pers- & nieuwsberichten