Nieuwsbericht

Wereldbliksemkaart

22 februari 2002

Centraal Afrika en Florida tellen de meeste bliksems. Dat blijkt uit satellietmetingen van de NASA, die wereldwijd in kaart zijn gebracht. Door de warmte stijgt de lucht daar sterk waardoor gemakkelijk buien ontstaan. De landen rond de evenaar hebben het vaakst onweer: Bogor op Java heeft er in sommige jaren dagelijks mee te maken.

In ons land onweert het ongeveer 25 dagen per jaar, het meest in het binnenland met 30 of meer. Bepaalde delen van ons land hebben soms dagen achtereen onweersbuien, maar over een langere termijn zijn lokale verschillen nauwelijks aan te geven. Voor grotere gebieden over afstanden van honderd kilometer kan dat wel. Zo heeft de kust op ongeveer 20 dagen per jaar onweer terwijl een strook van Antwerpen naar het Gooi circa 30 onweersdagen telt.

Op enige afstand van de kust neemt de onweersactiviteit sterk toe omdat 's zomers bij het binnendringen van minder warme lucht de buienvorming vaak pas landinwaarts goed op gang komt. In het najaar en in de winter ligt de piek juist aan zee: het relatief warme zeewater is dan een belangrijkste voedingsbron. Door de zachte winters van de laatste jaren is de onweersactiviteit in de winter toegenomen; voor de zomerperiode is geen duidelijke trend zichtbaar.

Ook heuvels zijn bevorderlijk voor onweersbuien, maar in ons land zijn de reliëfverschillen te gering om verschillen in kaart te brengen. Alleen plaatselijke warmte-onweders ontstaan door hitte kunnen invloed ondervinden van de ondergrond. Warmte-onweer ontstaat bij voorkeur boven droge streken die sterk verhitten, zoals de Veluwe of de Kempen. Door de geringe wind op grote hoogte blijven de buien lang boven een bepaald gebied hangen.

In Europa zijn wel voorkeursgebieden voor onweer te vinden. Dat zijn vooral de berggebieden omdat bergen de ontwikkeling van onweerswolken stimuleren. Hoog in de bergen onweert het door de kou juist minder. Onweersnesten zijn er in het Alpengebied, vooral aan west- en noordkant van het bergmassief, waar de lucht tegen de hellingen opglijdt en de buienvorming wordt bevorderd. Verder zijn het zuidwesten van Frankrijk, het noorden van Spanje en ook landen als Tsjechië, Hongarije en Kroatië gevoelig voor onweer. Hier wordt op meer dan 30 dagen per jaar onweer gehoord en vaak is dat zwaar onweer. Weinig onweer, op zo'n 3 tot 5 dagen per jaar, melden Ierland, West-Engeland en delen van Scandinavië. Meer landinwaarts in Groot Brittannië, Zweden en Finland wordt jaarlijks op ongeveer 10 dagen onweer gehoord. Zeldzaam is onweer in IJsland, waar het gemiddeld op slechts 1 dag per jaar tot onweer komt. In de koude poolstreken onweert het niet.

Bron: onweerksaart Herman Wessels, Weermagazine augustus/september 2001.

Jaarlijks aantal onweersdagen in Europa (Bron: KNMI)
Jaarlijks aantal onweersdagen in Europa (Bron: KNMI)

Recente nieuwsberichten

  1. Klimaatverandering is tastbaar geworden

    Klimaatverandering is tastbaar geworden. De warme zomer van 2018 was hier een voorbeeld van. Om i...

    22 maart 2019 - Nieuwsbericht
  2. Homogenisatie zorgt voor betrouwbare temperatuurreeksen

    Een temperatuurreeks noemen we homogeen wanneer de variaties daarin alleen het gevolg zijn van fl...

    19 maart 2019 - Nieuwsbericht
  3. Lente in Nederland vroeg

    De lente begint in Nederland en Noord-Duitsland eerder dan waar dan ook zo ver naar het noorden. ...

    19 maart 2019 - Nieuwsbericht
  4. Hoe zijn oude klimaatvoorspellingen op basis van zonneactiviteit uitgekomen?

    Met enige regelmaat wordt voorspeld dat de aarde binnenkort gaat afkoelen door de afnemende activ...

    12 maart 2019 - Nieuwsbericht
Toon alle pers- & nieuwsberichten