Waarschuwing voor onweersbuien met windstoten, hagel en veel neerslag in het hele land.
Op 27 juni bevond Nederland zich op de grens tussen een hogedrukgebied boven het vasteland van Europa en een lagedrukgebied boven de Britse Eilanden. In ons land werd daardoor met een zuid- tot zuidwestelijke stroming uitzonderlijk warme lucht aangevoerd. Nederland had te maken met uitzonderlijke hitte in combinatie met een hoge luchtvochtigheid. De lucht was erg onstabiel en er was sprake van veel windschering (verandering van windrichting en/of -snelheid met hoogte), beide ingrediënten voor grote (georganiseerde) onweersbuien met risico op (zeer) zware windstoten en (zeer) grote hagel.
In de ochtend ontstonden er in deze warme lucht en op nadering van de koude lucht uit het westen al buien boven de Noordzee en langs de westkust.
In de avond ontstond er een lijn met buien van het zuidwesten naar het noordoosten over het land met daarop zware windstoten, hagel en veel neerslag. (figuur 1, de bovenste rode lijn met haakjes). Dit gebied trok in de avond en in de loop van de nacht noordoostwaarts weg.
In de loop van de middag en avond ontstond er boven Frankrijk in de warme lucht een klein lagedrukgebied (‘thermisch laag’), waarin zware onweersbuien vormden. Dit kleine lagedrukgebied trok als een tweede cluster onweersbuien in de nacht naar zondag noordoostwaarts over ons land (figuur 1, de onderste rode lijn met haakjes).
In de neerslagkaart (figuur 2) is het eerste buiengebied goed terug te zien. In een strook van zuidwest naar noordoost over het land viel, samen met de neerslag van het tweede buiengebied, op veel plaatsten meer dan 60 millimeter neerslag in een etmaal. In Hilversum werden hagelstenen tot 5 centimeter gemeld. Ook elders werd grote hagel gemeld. Windstoten werden gemeten tot 60 km/uur (17 m/s, figuur 4). Omdat windstoten bij buien echter heel plaatselijk zijn is het mogelijk dat er tussen de KNMI-meetstations hogere windsnelheden zijn geweest.
Bij het tweede gebied met buien lag het zwaartepunt meer over het midden en oosten van het land. In de buurt van Eindhoven werden windstoten tot 90 km/uur gemeten (25 m/2, figuur 5). In Lelystad en Heino werden windstoten van ruim 80 km/uur gemeten (23 m/s).
In beide gebieden waren er uitzonderlijk veel bliksemontladingen. Op zaterdag (figuur 7) waren dat er in een etmaal ruim 300.000, op zondag ruim 110.000 (figuur 8) in een breder gebied rondom Nederland.
Door blikseminslag en bomen en takken op het spoor had het treinverkeer te maken met diverse storingen. In Gouda veroorzaakte een blikseminslag ernstige technische problemen, waardoor tussen Gouda en Den Haag en Gouda en Rotterdam helemaal geen treinen konden rijden. Blikseminslag veroorzaakte ook diverse branden, in onder andere Amsterdam, Wassenaar, Geldrop, Toornwerd, Snelrewaard, Helmond, Landsmeer, Nunspeet en Beek en Donk. Diverse festivals werden tijdelijk stilgelegd of eerder beëindigd.
In Veldhoven kwam de kap van een molen los door zware windstoten. Die kwam met wieken en al naast de monumentale molen uit 1858 terecht. Huizen en auto's in de buurt raakten beschadigd.
Veiligheidsregio's ontvingen veel meldingen van schade. Meldkamers van sommige veiligheidsregio's kregen dusdanig veel meldingen, dat die dreigden overbelast te raken. Zo kreeg veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland veel meldingen binnen van wateroverlast. Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant had het zo druk dat op een brandweerkazerne een extra meldkamer werd ingericht. Mensen in die regio werden opgeroepen de hulpdiensten alleen te bellen bij direct gevaar, zodat de meldkamer beschikbaar bleef voor spoedeisende situaties.
Verzekeraars kregen veel schademeldingen binnen door hagel en blikseminslag, vooral uit de regio's rondom Amsterdam en Utrecht en uit Flevoland. (Bron: NOS)
Op 27 juni werd om 11:48 uur een code oranje uitgegeven voor zware onweersbuien in Overijssel, Gelderland, Noord-Brabant en Limburg. Op dat moment stond in deze provincies al een code rood voor hitte uit, in andere provincies (met uitzondering van het Waddengebied) een code oranje voor hitte.
“…In het (zuid)oosten geldt vanavond en vannacht code oranje voor zware onweersbuien, in de rest van het land geldt hiervoor code geel (…). Bij zware onweersbuien is er kans op grote hagelstenen van 2-5 cm, zware windstoten van 75-100 km/uur en veel regen, 20-40 mm, in korte tijd. Dit kan op meerdere plaatsen voor overlast en schade zorgen.”
Om 21:41 uur werd de code oranje uitgebreid naar de rest van het land:
"...In het hele land code oranje voor zware onweersbuien. Daarnaast geldt code oranje voor extreme hitte in Limburg. In de rest van het land is het zeer warm, hiervoor geldt code geel. Bij zware onweersbuien is er kans op grote hagelstenen van 2-5 cm, zware windstoten van 75-100 km/uur en veel regen, 20-40 mm, in korte tijd. Dit kan op meerdere plaatsen voor overlast en schade zorgen. "
Volgens de KNMI'23-klimaatscenario's zullen extreme buien in zomer vaker voorkomen, terwijl het aantal lichte zomerbuien (tot 10 millimeter/uur) juist zal afnemen. Doordat er meer waterdamp in de atmosfeer zit, worden stijgbewegingen versterkt, waardoor de grootste hagelstenen vermoedelijk nóg groter worden. Doordat er meer neerslag verdampt, kunnen windstoten en valwinden bij buien sterker worden. Door verdamping koelt de lucht namelijk af, waardoor deze zwaarder wordt en neerwaarts beweegt. De kans op valwinden neemt hierdoor toe. Of het in Nederland ook vaker gaat bliksemen, is onzeker.