Uitleg over

Zomerse weerkaart

Aanhoudend zomerweer hebben we wanneer hogedrukgebieden op de weerkaart aanhouden en de weg voor depressies van de Oceaan blokkeren.

Als de kern van het hogedrukgebied boven de Noordzee of het zuiden van Scandinavië ligt, dan waait bij ons de wind uit oostelijke richtingen. Het is dan zonnig, droog en warm. Ligt het hogedrukgebied boven het vasteland van Europa, dan wordt de lucht vanuit het zuidoosten aangevoerd. In de meer verontreinigde lucht, die dan wordt aangevoerd, kan het zeer warm worden met kans op smogvorming.

kaart met blokkade op de weerkaart op 500 hPa vlak en afwijking van de temperatuur in het extreem droge jaar 1976
Blokkade op de weerkaart op 500 hPa vlak en afwijking van de temperatuur in het extreem droge jaar 1976 ©KNMI/ECMWF

Onweer

In de loop van de warme periode nemen de onweerskansen toe. Vaak is dit een korte onderbreking van het zomerweer, waarbij het bij naar west draaiende wind wel aanzienlijk koeler kan worden. Zo'n weersomslag, die soms ook geruisloos zonder onweer plaatsvindt, is het eerst aan de kust voelbaar. Door de zeewind is het op de stranden een stuk minder heet dan landinwaarts, waar de koele lucht later doordringt.

Richting hogedrukgebied

In standvastige zomers verschijnt er weer meteen een nieuw hogedrukgebied op de weerkaart. Deze onderdrukt de buienactiviteit en laat de zon terugkeren. Zolang de kern van dat hogedrukgebied bij Ierland of Engeland ligt, waait er bij ons een noordwestelijke wind en is het niet zo warm. Vooral 's avonds merken we aan de sterke afkoeling en de vochtigheid dat we in een over zee aangevoerde luchtsoort zitten.

Wanneer het hogedrukgebied zijn invloed weer uitbreidt in de richting van de Noordzee en het zuiden van Scandinavië draait de wind bij ons naar oostelijke richtingen en gaat de temperatuur opnieuw omhoog. Door drukdalingen boven Frankrijk of verplaatsing van het hogedrukgebied naar Midden-Europa draait de wind weer naar zuidoost tot zuid. Het wordt dan opnieuw warmer en vochtiger met geleidelijk toenemende onweerskansen.

In mooie zomers kan die cyclus geregeld herhalen, waarbij de hitte steeds tijdelijk wordt onderbroken door enkele minder warme dagen.

Meer uitleg over

  • De eerste zachte dag met een hoogste temperatuur van 15 graden of meer valt soms al in januari of februari ©KNMI

    Zachte dagen

    Een maximumtemperatuur van 15 graden of meer wordt een zachte dag genoemd. Een temperatuur van 15 graden kan soms al in januari of februari voorkomen.
  • Molen bij mooi weer (Bron: Jannes Wiersema)

    Mooi-weerdagen

    Mooi weer is subjectief. Voor een zeiler moet het waaien, een fietser houdt juist niet van tegenwind en aan het strand willen we zon en aangename warmte.
Niet gevonden wat u zocht? Zoek in alle uitleg over