Uitleg over

Zomer

De dag waarop de zomer begint is de langste dag van het jaar. Deze dag van 16 uur en 45 minuten duurt van 5:19 uur tot 22:04 uur (lokale tijd).

Het begin van de zomer, de zomerzonnewende, valt rond 21 juni. De zon bereikt dan de kreeftskeerkring. Hierna worden de dagen in het noorden weer korter. Meteorologen rekenen juni, juli en augustus tot het zomerseizoen. Maar ook voor en na die tijd kan het zomers zijn. Het zomerhalfjaar duurt van mei tot en met oktober.

Zomerse en tropische dagen

Vooral in juli en augustus is de kans op zomerse of tropische temperaturen het grootst. Landelijk (gemiddeld over 1981-2010) telt juni vier, juli acht en augustus zeven zomerse dagen (25 graden of warmer). In het zuiden zijn twee tropische dagen (30 graden of meer) in juli en augustus heel gewoon.

Door het koude zeewater blijft de temperatuur aan zee in het begin van de zomer achter. Later in het seizoen kan het ook hier tropisch worden. Opmerkelijk zijn de verschillen in nachttemperaturen. In Eelde ligt het minimum 's zomers op 11,0 tegen 14,3 graden in Vlissingen. Vooral na een lange warme periode blijft het aan de kust 's avonds aangenaam.

Vlinder in een bloemenveld
Vlinder in een bloemenveld (Bron: Jannes Wiersema)

Zomertemperatuur

Het zomergemiddelde bedraagt in ons land 16,4 graden, in De Bilt 17,0 graden gemiddeld over 1981-2010. De uitersten gemiddelden van de laatste ruim honderd jaar lagen in De Bilt tussen 14,1 (1907) en 18,6 (2003). De zomers zijn tegenwoordig warmer. Tussen 1941 en 1970 lag het gemiddelde in De Bilt 0,7 graden lager. In het begin van de twintigste eeuw waren de zomers zelfs een hele graad kouder.

Klimaatscenario's wijzen op een gemiddeld verdere opwarming met meer hittegolven. Zo'n zeer warme periode kwam sinds 1901 eens in de drie jaar voor. Dat wil niet zeggen dat er steeds drie jaar tussenzat: sommige zomers telden drie of vier hittegolven en tussen 1950 en 1975 was er geen enkele.

Regenuren

De warmte leidt tot buien met soms veel regen. Door de korte duur van de buien biedt de zomer de minste regenuren. Landelijk gemiddeld regent het 117,4 uur tegen 208,2 uur in de winter. Toch is de zomer zo'n 15 millimeter natter dan de winter, maar minder nat dan de herfst. Gemiddeld over het land valt 's zomers 213,6 millimeter tegen 231,3 millimeter in de herfst.

Het noordwestelijk kustgebied is de droogste regio. In Den Helder en op Vlieland valt in drie maanden ongeveer 196 millimeter zomerregen tegen circa 250 millimeter lokaal in de provincies Groningen en Limburg.

Zonuren

De zomerzon is landelijk gemiddeld 602,6 uur te zien is. De lente telt 512,5 zonuren, de herfst slechts 315,6 uur. Het noordwestelijk kustgebied met de Wadden hebben 's zomers de meeste zon: 655,4 uur in Den Helder. Vlissingen doet er met 646 zonuren nauwelijks voor onder maar oostelijk Brabant ziet de zon doorgaans iets minder dan 600 uur.

Meer uitleg over

  • Thermometerhutten op het KNMI-terrein in De Bilt waarin continu de temperatuur wordt gemeten ©KNMI

    Warmtegetal

    Het warmtegetal is een waarderingscijfer voor de zomerwarmte. Het gaat om de dagelijkse waarden boven 18 graden tussen april en oktober.
  • Blokkade op de weerkaart op 500 hPa vlak en afwijking van de temperatuur in het extreem droge jaar 1976 ©KNMI/ECMWF

    Zomerse weerkaart

    Aanhoudend zomerweer hebben we wanneer hogedrukgebieden op de weerkaart aanhouden en de weg voor depressies van de Oceaan blokkeren.
Niet gevonden wat u zocht? Zoek in alle uitleg over