Klimaatbericht

Hoogwater Rijn en Maas 1995

28 januari 2020

Er is inmiddels al één generatie opgegroeid die de rivierhoogwaters in 1995 niet heeft meegemaakt, maar voor velen staan de beelden van evacuaties nog scherp op het netvlies. Door overvloedige regenval op grote schaal in het stroomgebied van Maas en Rijn waren de afvoeren recordhoog. Hierdoor trad de Maas in Limburg buiten haar oevers en verder stroomafwaarts bezweken de winterdijken van Maas en Rijn in het rivierengebied bijna. Deze ‘bijna ramp’ -deze week 25 jaar geleden- was het startschot voor het Deltaplan Grote Rivieren. We gaan hier in op de meteorologische achtergrond en gevolgen voor de rivierafvoer.

Depressietreintjes

Januari 1995 begon met winterse omstandigheden. In grote delen van het Rijn- en Maasstroomgebied waren de temperaturen beneden nul en viel er sneeuw. Daarna werd het zachter en viel er vrijwel dagelijks regen, maar de hoeveelheden waren gering. Vanaf 18 januari namen de hoeveelheden neerslag weer toe en regende het langduriger. Met name een aantal actieve depressies tussen 22 en 30 januari zorgden voor overvloedige neerslag. Deze ‘depressietreintjes’ ontstonden in een westelijke stroming die lang aanhield over een relatief klein gebied. Figuur 1 laat de weerkaart van 26 januari zien met een sterke westelijke stroming tussen een lagedrukgebied boven Scandinavië en hoge druk boven Zuid-Europa. Een randstoring met veel regen trekt over de Noordzee oostwaarts. Diverse andere regenbrengende depressies trokken over het stroomgebied van Rijn en Maas en er werd bovendien zachte lucht aangevoerd die voor sneeuwsmelt in hoger gelegen gebieden zorgde.

Overvloedige neerslag en sneeuwsmelt

Van 20 tot 30 januari viel over het Rijngebied twee keer de gemiddelde hoeveelheid voor de hele maand januari

Figuur 2 laat de neerslag in het stroomgebied van de Maas zien in de 10 dagen voorafgaand aan de hoogwaterpiek op 31 januari 1995. De overwegend zuidwesten wind stuwde de vochtige regenlucht op tegen de Ardennen en gaf zo veel neerslag. Van 20 tot 30 januari viel gemiddeld over het Rijngebied ongeveer 100 millimeter neerslag -  tweemaal de gemiddelde hoeveelheid voor de hele maand januari (figuur 3). Door de westelijke stroming steeg de temperatuur aanzienlijk. De sneeuwgrens steeg hierdoor naar 2000 meter en leidde tot forse sneeuwsmelt in het hooggebergte, het Schwarzwald en de Vogezen.

Recordafvoer Maas en Rijn

Deze omstandigheden leidden aan het eind van januari tot een flinke toename van de afvoer van Maas en Rijn. De piekafvoer van de Rijn bij Lobith bedroeg 12.060 kubieke meter per seconde (hierna: m3/s). De Maas bij Borgharen bereikte een piekafvoer van 2.746 m3/s. De herhalingstijden van deze gebeurtenissen voor Rijn en Maas zijn, respectievelijk, ongeveer 55 en 50 jaar. De hoogst geregistreerde Rijnafvoer bij Lobith (1926) is 12.600 m3/s. Op de tweede plaats volgt het hoogwater van 1995. De hoogste Maasafvoer bij Borgharen (1993) bedraagt 3.039 m3/s. Een ongeveer even hoge afvoer trad op in 1926 (circa 3.000 m3/s). Op de derde plaats volgt het hoogwater van 1995.

Toekomstscenario

Door klimaatverandering neemt de hoeveelheid neerslag in de winter toe. Hogere temperaturen in de Alpen leiden er bovendien toe dat er minder tijdelijke opslag van neerslag in de vorm van sneeuw plaatsvindt. Verder kunnen door zeespiegelstijging  de rivieren het overtollige water moeilijker afvoeren naar zee.

In 2050 eens per 30 jaar afvoer Rijn en Maas van ruim 12.000 m3/s (zoals met hoogwater 1995) 

Het KNMI heeft samen met hydrologen van onderzoeksinstituut Deltares berekend wat toekomstige piekafvoeren van Rijn en Maas in het veranderende klimaat kunnen worden. Hieruit blijkt dat voor de Rijn een afvoer van ruim 12.000 m3/s (overeenkomend met de hoogwaters van 1993 en 1995) niet langer gemiddeld eens per 50 tot 100 jaar voorkomt, maar eens per 30 jaar in 2050 en in sommige scenario’s vaker dan eens per 10 jaar in 2085. Voor de Maas gelden grofweg dezelfde verhoudingen en bovendien schuift het moment van optreden van hoogwater naar iets vroeger in het jaar, doordat in de Ardennen overwegend regen valt in plaats van sneeuw.


KNMI-klimaatbericht door Ruben IJpelaar

 

Weerkaart 26 januari 1995.
Figuur 1: Weerkaart 26 januari 1995. Bron: Wetterzentrale, ECMWF
Kaart van neerslagsom 19-30 januari in stroomgebieden Maas en Rijn
Figuur 2: Neerslagsom 19-30 januari 1995 in stroomgebieden Maas en Rijn. ©KNMI
Tijdreeks van maximale neerslag over 10 dagen in winter in stroomgebieden van de Rijn en de Maas.
Figuur 3: tijdreeks van maximale neerslag over 10 dagen in winter in stroomgebieden van de Rijn en de Maas. ©KNMI

Recente nieuws- en klimaatberichten

  1. Water vraagt meer ruimte in stad van de toekomst

    Nu met de herfst het natste seizoen van het jaar is aangebroken, zien we de straten weer vaker on...

    19 oktober 2021 - Klimaatbericht
  2. KNMI-klimaatwetenschapper Geert Jan van Oldenborgh overleden

    Geert Jan van Oldenborgh (59) is dinsdag 12 oktober overleden. De bijdrage van Geert Jan aan de k...

    14 oktober 2021 - Klimaatbericht
  3. KNMI-Global geeft impuls aan samenwerking met ontwikkelingslanden

    96 procent van alle rampen wereldwijd zijn gerelateerd aan (extreme) weersomstandigheden, aldus d...

    13 oktober 2021 - Klimaatbericht
  4. Graaddagen in gasjaar 2021

    Gedurende het gasjaar, dat loopt van 1 oktober tot en met 30 september, berekent het KNMI dagelij...

    12 oktober 2021 - Klimaatbericht
Toon alle nieuws- en klimaatberichten