Schaatsers op natuurijs
Foto: Jannes Wiersema

Minder vaak extreme kou, maar wind kan ons lichaam nog steeds ijzig raken

11 februari 2026

Vorst in combinatie met een ijskoude wind: we hebben het allemaal wel eens ervaren. Op deze momenten draait het juist om de gevoelstemperatuur. Het zegt veel meer over wat je lichaam écht ervaart dan wat de thermometer aangeeft. Extreme kou kan namelijk een aanzienlijke fysieke bedreiging vormen voor ons lichaam. Dat is dan ook de reden dat we bij het KNMI hiervoor waarschuwen, bijvoorbeeld met code geel bij gevoelstemperaturen lager dan –15 graden. In een opwarmende wereld raken we misschien wel minder gewend aan dergelijke kou, waardoor de noodzaak om te waarschuwen wellicht zelfs groter wordt.

Extreme kou als bedreiging voor ons lichaam 

Het waarschuwen voor extreme kou is een belangrijke taak. Lage temperaturen in combinatie met veel wind kunnen ervoor zorgen dat we onze lichaamstemperatuur niet meer op peil kunnen houden. Er gaat dan meer warmte verloren dan dat er geproduceerd wordt. Wanneer onze lichaamstemperatuur daalt tot onder de grens van 35 graden is er zelfs sprake van onderkoeling (hypothermie). Rillen, verminderde fijne motoriek en bij sterkere onderkoeling coördinatieverlies en zelfs bewustzijnsdaling zijn dan mogelijk. Vooral voor kwetsbaren zoals kinderen en ouderen is het risico op koudeletsel groter. Nog altijd overlijden er wereldwijd meer mensen door extreme kou dan door hitte. Een studie uit 2024 concludeert dat er in de periode 1991-2020 in Europa 8 keer zoveel mensen stierven door kou (363.809) dan door hitte (43.729). Wel is de verwachting dat door verdere opwarming de hittesterfte sterker zal toenemen dan de koudesterfte afneemt. De totale temperatuur-gerelateerde sterfte zal dus toenemen.

De gevoelstemperatuur is bij kou in combinatie met wind veel relevanter voor ons. De thermometer kan iets heel anders beweren dan wat wij zelf buiten ervaren. Hoe het buiten aanvoelt is nou net hetgeen wat voor ons bepaalt of we toch nog een rondje gaan wandelen of een andere buitenactiviteit gaan ondernemen. Ook hulpdiensten en mensen die veel buiten werken kunnen met behulp van de gevoelstemperatuur beter inspelen op de risico’s van het winterweer.  

Hoe koud voelt het nou aan? 

Ons lichaam raakt warmte kwijt door (1) warmtestraling af te geven, (2) lucht of water die warmte wegneemt of (3) contact met koudere objecten. Tijdens koude omstandigheden is de belangrijkste factor de wind die ervoor zorgt dat de warme luchtlaag rondom onze huid wordt weggeblazen. Hierdoor voelt het kouder aan dan de thermometer op dat moment aangeeft.  

Het verschil tussen de temperatuur en de gevoelstemperatuur kan worden gezien als een maat van het warmteverlies veroorzaakt door de wind. De gevoelstemperatuur, in het Engels ook vaak de ‘wind chill’ genoemd, is geen temperatuur die we kunnen meten. We rekenen het uit met behulp van de gemeten temperatuur en de gemeten windsnelheid. Het KNMI hanteert de zogenaamde JAG/TI methode voor de berekening van de gevoelstemperatuur (afbeelding 1). Deze methode houdt rekening met de balans tussen warmteverlies en warmteproductie. Het gaat hierbij om een gezond, volwassen en wandelend persoon met gemiddelde lengte, maar de ervaring kan dus per individu verschillen. Verder wordt er ook geen rekening gehouden met eventuele zonnestraling.  

Afbeelding 1. Gevoelstemperaturen veroorzaakt door de combinatie van wind en temperatuur. Dit zijn de gevoelstemperaturen berekend volgens de JAG/TI methode. Bron: KNMI.

In tegenstelling tot de zomer, speelt luchtvochtigheid een verwaarloosbare rol. Wel is het zo dat wanneer we een bezwete huid hebben of vochtige kleren dragen, we veel sneller warmte kwijtraken omdat water warmte veel beter geleidt dan lucht. Daarom werkt het ‘laagjesprincipe’: dunne luchtlagen tussen kleding houden warmte juist vast. Een kleinere bijdrage heeft ook te maken met verdamping. Dit proces onttrekt energie (warmte) aan onze huid waardoor we nog sneller afkoelen. 

Extreem lage gevoelstemperaturen worden steeds zeldzamer 

Een feit is dat door een verder opwarmend klimaat lage gevoelstemperaturen steeds zeldzamer worden (afbeelding 2). Kijkend naar de trend (dikke lijn) dan zien we dat de laagste gevoelstemperatuur per winter in ruim een halve eeuw zo’n 6 graden Celsius is gestegen. Een gevoelstemperatuur van -15 graden of lager (de richtlijn voor code geel) kwam in 1950 nog bijna ieder jaar voor, tegenwoordig nog maar eens in de 5 jaar. Extreme doordringende kou met gedurende minstens een uur gevoelstemperaturen onder de -20 graden (de richtlijn voor code oranje) is altijd vrij zeldzaam geweest. In 1950 kwam dit maar eens per 5 jaar voor. En tegenwoordig zijn dergelijke gevoelstemperaturen nog maar eens in de 30 jaar te verwachten. 

Afbeelding 2. Laagste jaarlijke gevoelstemperaturur per winter in de Bilt volgens de JAG/TI methode in de periode 1961 t/m eind jarnuari 2026. Bron: KNMI. 

Exacte uitspraken over het toekomstige verloop zijn niet te geven, maar de KNMI’23 klimaatscenario’s leren ons wel dat dat waar de gemiddelde windsnelheid in De Bilt in de winter nagenoeg gelijk blijft, de gemiddelde dagminimumtemperatuur in de winter opwarmt tussen de 0,7 en 1,4 graden Celsius in 2050 en tussen de 0,7 en 4,1 graden Celsius in 2100 ten opzichte van de referentieperiode 1991-2020. Als we aannemen dat de windsnelheid constant blijft, zullen de gevoelstemperaturen in de winter dus toenemen.  

De koudste winterdag zal in de Bilt in 2050 weliswaar tussen de 1,2 en 2 graden Celsius zijn opgewarmd, Dat betekent echter niet dat ijskoude dagen niet meer mogelijk zijn waarbij we als KNMI hiervoor moeten waarschuwen. Extreme waarden blijven mogelijk, ook in een toekomstig klimaat. Afgelopen winter en ook begin deze maand werden er in het uiterste noordoosten van ons land nog gevoelstemperaturen gemeten van rond de –15 graden Celsius. Tijdens de bijzonder koude periode in februari 2012 werden er zelfs gevoelstemperaturen gemeten van minder dan 28 graden onder het vriespunt.  

In een toekomst waarbij lage temperaturen minder vaak voorkomen, kan het zijn dat we er minder aan gewend raken en waarschuwingen voor dergelijke gevoelstemperaturen wellicht noodzakelijker worden. Juist dan worden de grenzen van ons lichaam opgezocht en blijkt ook hoe verraderlijk koudere perioden in zachtere winters kunnen zijn.  

KNMI-klimaatbericht door Thomas Vermeulen

Recente nieuws- en klimaatberichten

  1. Wereldwijde recordwarmte 2023, 2024 en 2025: versnelde opwarming, zon, El Niño en schonere scheepvaart

    De afgelopen drie jaren waren uitzonderlijk warm. Nieuw onderzoek laat beter zien waarom deze jar...

    04 februari 2026 - Klimaatbericht
  2. Liveblog gladheid door ijzel 3-4 februari 2026

    Dinsdag en woensdag grote kans op gladheid door ijzel, vooral in het noorden.

    02 februari 2026 - Liveblog
  3. Koude januari met veel waarschuwingen voor gladheid

    Met een gemiddelde temperatuur van 2,5°C in De Bilt tegen een langjarig gemiddelde van 3,6°C verl...

    30 januari 2026 - Nieuwsbericht
  4. De staat van ons klimaat 2025: zonnig en warm jaar

    2025 was een zeer zonnig jaar. Door de grote hoeveelheid zonnestraling was er ook veel verdamping...

    29 januari 2026 - Nieuwsbericht
Toon alle nieuws- en klimaatberichten