Uitleg over

Neerslagradar door de jaren heen

Een neerslagradar is een rondzoekradar voor het waarnemen van neerslag.

De antenne van de neerslagradar zendt een pulsvormig radiosignaal uit dat voor een deel door neerslag wordt weerkaatst. Uit de richting van de antenne en uit de tijd die verloopt tussen het uitzenden van de puls en de ontvangst van de echo's, volgt de positie van neerslaggebieden.

Neerslagverwachting

Een beeldscherm toont de gebieden met een landkaart als achtergrond. Verschillende kleuren onderscheiden de lichte en zwaardere neerslag. Een serie radarbeelden met tussenpozen van bijvoorbeeld een kwartier laat zien of de buien zwaarder worden en hoe ze zich verplaatsen.

De informatie wordt gebruikt voor neerslagverwachtingen tot enkele uren vooruit. Zo kan men soms tot op enkele minuten nauwkeurig aangeven wanneer het ergens gaat regenen of wanneer de regen ophoudt. 

Geschiedenis neerslagradar

Het gebruik van de weerradar kwam in de tweede helft van de vorige eeuw tot ontwikkeling. Het KNMI kreeg in 1959 zijn eerste weerradar op de luchthaven Schiphol, in 1962 gevolgd door De Bilt. In de jaren tachtig werden dat digitale radars en sinds 1989 verloopt de waarneming automatisch.

Radarbeelden worden gebruikt door diverse instanties op het gebied van luchtvaart, scheepvaart, recreatie, landbouw, verkeerspolitie en waterstaat. De Nederlandse radargegevens worden sinds 1990 ook opgenomen in een Europees radarbeeld.

In 1996 en 1997 zijn nieuwe radars geïnstalleerd bij de Koninklijke Marine in Den Helder en op de toren van het KNMI in De Bilt. Dankzij dit radarsysteem zijn de beelden een stuk scherper en gedetailleerder geworden. 

Dopplerradar

Dit moderne radarsysteem maakt gebruik van het Dopplereffect. Doppler beschreef in 1842 dat een door een bron uitgezonden trilling anders wordt waargenomen als de bron beweegt. Denk maar aan de verandering van de toon van een sirene van een passerende ambulance. De frequentie neemt toe als de waarnemer beweegt in de richting van de bron en neemt af als hij zich van de bron af beweegt.

Meteoroloog Buys Ballot, de oprichter van het KNMI, heeft het Dopplereffect aangetoond door een proef met een rijdende trein en hoornisten. De trein reed op 3 juni 1845 tussen Utrecht en Maarssen, waarbij de musici en waarnemers met een goed gehoor in de trein en op de perrons stonden. 

De Dopplerradar heeft het voordeel dat ook windsnelheden en de windrichting in buien kunnen worden gemeten. De windprofielen van de radar maken het mogelijk om beter te waarschuwen voor zware buien met windstoten. 

Meer uitleg over

  • Een door de wind losgeraakte bouwsteiger van een appartementencomplex (Foto: Robert Hoetink)

    Windstoten

    Windstoten zijn kortdurende rukwinden of windvlagen van minstens 50 kilometer per uur. Vooral voor weg- en vliegverkeer zijn windstoten hinderlijk of zelfs gevaarlijk.
  • Verdroging Zuid-Europa

    Verdroging Zuid-Europa

    Een gebrek aan winterneerslag veroorzaakt verdroging in Zuid-Europa. In het gebied van de Middellandse Zee is het winterhalfjaar juist het regenseizoen.
Niet gevonden wat u zocht? Zoek in alle uitleg over