Waarschuwingsbord El Nino boven tropische oceaan

El Niño 2026-2027: waar verwachten we de grootste gevolgen?

07 oktober 2026

De El Niño van 2026-2027 ligt op koers om de sterkste El Nino te worden sinds het begin van de metingen. Volgens de laatste seizoensverwachtingen kan de huidige El Niño een piekwaarde van rond 4 graden in het Niño3.4 gebied bereiken, veel warmer dan de hoogste piekwaarde tot nu toe van 2,3 graden tijden de El Niño van 2015-2016. De gevolgen zullen merkbaar zijn in vele delen van de wereld, niet direct wat het weer betreft in Europa, maar mislukte oogsten kunnen wel economische gevolgen hebben.

Ontwikkeling 2026

In april was het al duidelijk uit de seizoensverwachtingen dat er mogelijk een sterke El Niño zou ontstaan. Tijdens een El Niño stroomt het warme water dat zich rond de evenaar heeft opgehoopt in het westen van de Stille Oceaan bij Indonesië uit over de gehele tropische Stille Oceaan. Dat zien we de laatste maanden gebeuren (afbeelding 1). Met het warme water verschuift ook het gebied met hevige tropische regenval oostwaarts. Regenval vindt plaats boven de warme gebieden omdat daar de lucht opstijgt, afkoelt en uitregent. De lucht daalt in de koelere gebieden. Deze verschuiving in stijg- en daalbewegingen langs de evenaar zorgt voor veranderingen in het normale weerbeeld in ver weg gelegen gebieden door veranderingen in windpatronen. 

Afbeelding 1. Afwijkingen in zeewatertemperatuur ten opzichte van het gemiddelde over 1991-2020 voor de maanden januari tot en met september 2026. Bron: Climate Pulse.

Gevolgen

El Niño piekt doorgaans in de maand december en de veranderingen in het weer die ermee samenhangen volgen een typisch patroon. Op basis van sterke El Niño's uit het verleden en seizoensverwachtingen met weermodellen weten we vrij nauwkeurig welke gevolgen we kunnen verwachten in verschillende delen van de wereld (afbeelding 2). In de bruine gebieden verwachten we abnormaal droog weer, hoe donkerder de kleur hoe waarschijnlijker. In de blauwe gebieden verwachten we meer regenval. 

Afbeelding 2. Verwachte gevolgen van de El Niño van 2026-2027 op basis van 8 historische sterke El Nińo's en seizoensverwachtingen van 13 verschillende modellen. In de bruine gebieden wordt droger dan normaal weer verwacht, in de blauwe natter. Hoe donkerder de kleur, hoe groter de kans dat dat optreedt. In groen is het aantal keer dat het optrad tijdens vorige El Niño's gegeven, in bruin of blauw hoeveel van de modellen dit droge of natte signaal verwachten. Bron: the climate brink.

Door de oostwaartse verschuiving van de regenval boven Indonesië, wordt het daar droger en midden op de Stille Oceaan natter. Tegelijkertijd worden stijgbewegingen onderdrukt boven de Amazone en Zuid-Afrika waardoor het ook daar droger wordt. In deze gebieden wordt veel voedsel verbouwd en door de droge omstandigheden dreigen oogsten te mislukken. In Europa zien we geen directe gevolgen van El Niño voor ons weer, maar mislukte oogsten elders hebben mogelijk wel economische gevolgen.
In Caribisch Nederland verwachten we minder tropische orkanen. Door El Niño is er een sterker verschil in de wind aan de grond en op hoogte waardoor orkanen zich minder goed kunnen ontwikkelen. Verder verwachten we drogere en warmere omstandigheden dan normaal.
In het noorden van Noord-Amerika wordt een zachtere, drogere winter verwacht, in het zuiden juist veel neerslag.
Warmte die onder het wateroppervlak is opgehoopt, komt tijdens een El Nino aan het oppervlak en dat maakt dat tijdens een El Nino de wereldgemiddelde temperatuur piekt. Het is daardoor vrijwel zeker dat 2027 als het warmste jaar tot nu toe de boeken in zal gaan.

El Niño en CO2

El Niño verhoogt tijdelijk de snelheid waarmee CO₂ zich in de atmosfeer ophoopt. De belangrijkste bron van de stijging blijft de uitstoot door fossiele brandstoffen. El Niño bepaalt vooral de schommelingen daaromheen van jaar tot jaar.
Het land neemt minder CO₂ op. Normaal nemen vooral tropische bossen een groot deel van onze uitstoot op. Tijdens El Niño krijgen gebieden zoals het Amazonegebied, Indonesië en delen van Afrika te maken met droogte en hitte. Planten groeien dan minder en nemen dus minder CO₂ op. Tegelijk breken bodem en dood plantmateriaal sneller af, waarbij extra CO₂ vrijkomt. Dit is het grootste effect.
Ook natuurbranden spelen een rol. Droogte maakt bos- en veenbranden waarschijnlijker. Vooral de veenbranden in Indonesië tijdens de El Niño's van 1997–1998 en 2015-2016 brachten enorme hoeveelheden koolstof in de lucht.
Bij La Niña gebeurt ongeveer het omgekeerde: de tropen zijn natter, de vegetatie neemt meer op en de stijging gaat iets langzamer.
El Niño voegt dus geen blijvende extra CO₂ toe zoals fossiele brandstoffen dat doen. Het verschuift vooral tijdelijk hoeveel van onze uitstoot de natuur opvangt.
De oceaan werkt een beetje tegen. In de oostelijke Stille Oceaan stroomt normaal koud, CO₂-rijk diep water omhoog, dat CO₂ afgeeft aan de lucht. Tijdens El Niño gebeurt dat minder, dus de oceaan geeft dan tijdelijk minder CO₂ af. Dit effect is kleiner dan dat van het land en treedt eerder op. Daardoor zie je soms eerst een kleine vertraging van de stijging en daarna een versnelling.

El Niño en koraal

De grootste invloed van El Niño op koraal is warmte. El Niño is een van de belangrijkste oorzaken van massale koraalverbleking.
Koraal leeft samen met algen die in zijn weefsel zitten. Die algen leveren het grootste deel van zijn voedsel en geven het zijn kleur. Wordt het zeewater een paar weken ongeveer 1 °C warmer dan het normale zomermaximum, dan raakt die samenwerking verstoord. Het koraal stoot de algen af en wordt wit. Verbleekt koraal is nog niet dood, maar het verzwakt. Duurt de hitte te lang, dan sterft het.
El Niño verwarmt grote delen van de tropische oceanen, eerst in de Stille Oceaan en later, met enkele maanden vertraging, ook in de Indische Oceaan en het Caribisch gebied. De wereldwijde massale verblekingen vallen daarom vrijwel allemaal samen met El Niño's.
Een rif kan zich na een zware verbleking herstellen, maar dat duurt meestal 10 tot 15 jaar. Door de opwarming van de aarde ligt de basistemperatuur van de oceanen steeds hoger. Daardoor duwt elke El Niño het water sneller over de kritieke grens, en verbleking komt ook buiten El Niño-jaren steeds vaker voor. De tijd tussen de klappen wordt zo korter dan de hersteltijd.
Voor het Caribisch gebied betekent dit dat het risico vooral groot is in de zomer en herfst na een El Niño, wanneer het zeewater daar het warmst wordt.

Verwachting

Om de sterkte van El Niño te meten, zijn verschillende indices in omloop. De basis is de temperatuur in een gebied rond de evenaar en hoe deze afwijkt van de gemiddelde temperatuur. Omdat de gemiddelde temperatuur stijgt door de opwarming van de aarde, is overgegaan op een maat die daarvoor corrigeert, de relatieve oceanische index (afbeelding 3). Het is gebaseerd op het Niño 3.4 gebied middenin de Stille Ocean (box in afbeelding 1). Tijdens de rode fases is er sprake van El Niño, tijdens de blauwe La Niña. De huidige index is in september uitgestegen boven de tot nu toe sterkste El Niño van 2015-2016 en volgens de verwachtingen zijn piekwaardes in december mogelijk tot rond 4 graden, een waarde die ongekend veel hoger is dan het vorige record en met gevolgen die daardoor naar verwachting ook sterker zullen zijn. 

Afbeelding 3. De relatieve oceanische Nino3.4 index sinds 1990 zoals waargenomen tot september 2026 en volgens de gemiddelde verwachting van 13 modellen. Bron: the climate brink.

Of klimaatverandering de sterkte van de temperatuurschommelingen die met El Nino samenhangen beïnvloedt is een actief onderzoeksonderwerp. Het laatste woord is daarover nog niet gezegd. Wel is het zo dat de droogte- en extreme regenval als gevolg van El Nino door klimaatverandering worden versterkt.
Deze sterke El Nino hebben we al lange tijd zien aankomen in de seizoensverwachtingen. Dit geeft de getroffen gebieden de mogelijkheid om zich voor te bereiden op de gevolgen ervan om schade en slachtoffers te beperken.

KNMI-klimaatbericht door Frank Selten

Recente nieuws- en klimaatberichten

  1. Open dag 2026: van weerballon tot seismoselfie

    Op zaterdag 3 oktober openden we onze deuren tijdens het Weekend van de Wetenschap. Zo'n 2500 bez...

    05 oktober 2026 - Nieuwsbericht
  2. Zeer warme september

    September was een zeer warme maand. Met een gemiddelde temperatuur van ongeveer 16,7°C tegen een ...

    30 september 2026 - Nieuwsbericht
  3. Het droge zomerhalfjaar van 2026

    Het zomerhalfjaar, van april tot en met september, is bijna voorbij. De lente was dit jaar zeer z...

    30 september 2026 - Klimaatbericht
  4. Temperatuurvariaties in De Bilt

    Dit klimaatbericht laat in één afbeelding zien hoe de temperatuur in De Bilt varieert. Je ziet zo...

    23 september 2026 - Klimaatbericht
Toon alle nieuws- en klimaatberichten