De herfst is alweer ruim een maand onderweg. Afgelopen weekend trokken Austen en Boelo over ons land, met Boelo als eerste officiële storm van dit jaar. Het zuiden van Europa kreeg al eerder te maken met extreem weer. Zo trok storm Adam via de oostkust van Spanje naar Zuid-Frankrijk en Corsica en veroorzaakte veel leed en schade. Ook Turkije had te maken met overstromingen door noodweer.
Vorig jaar schreven we al hoe klimaatverandering de herfst in Nederland verandert, maar hoe zit dat met de rest van Europa?
Europa is het continent dat het sterkst opwarmt door klimaatverandering. Dit komt onder andere door de noordelijke ligging dichtbij het poolgebied. Hier zorgt het smelten van sneeuw en ijs voor een donkerder oppervlak, dat meer zonlicht opneemt (het zogenaamde albedo-effect). In de herfst, als er hoog in het noorden weinig zon is, speelt vooral mee dat er minder zee-ijs is, waardoor de oceaan meer warmte aan de lucht afgeeft. Daarnaast dragen schonere lucht (minder fijnstof) en veranderingen in de luchtstromingen bij. Het noorden van Europa warmt dan ook het snelst op, ook in de herfst. Afbeelding 1 toont de toename in temperatuur in de herfst (september, oktober, november) volgens het gematigde klimaatscenario RCP4.5 rond het jaar 2100.
Afbeelding 1. Verwachte verandering in de maximumtemperatuur in de herfst ten opzichte van het gemiddelde over 1991-2020 bij 3 graden mondiale opwarming, dat is nog 1,7 graden verdere opwarming ten opzichte van nu. Bron: atlas.climate.copernicus.eu/atlas
Ook het zuiden van Europa warmt door klimaatverandering sneller op dan het midden en westen van Europa. Met name de zomer warmt in het zuiden van Europa sterk op, mede door een toename in droogte. Bij een droge bodem gaat minder zonne-energie op aan verdamping en meer aan het opwarmen van de lucht. Na een droge zomer kan dit effect nog doorwerken in het begin van de herfst.
Bij neerslag zien we een verschil tussen het noorden van Europa en de landen rondom de Middellandse Zee (afbeelding 2), al zijn deze verwachtingen met meer onzekerheid omgeven dan de verwachting voor de temperatuur (gestreepte gebieden in afbeelding 2). In het noorden en oosten is er een toename van neerslag te zien in de herfst. In de landen rondom de Middellandse Zee wordt het op veel plekken juist droger, het sterkst in Noord-Afrika. Ook in Spanje en Portugal neemt de herfstneerslag af, al zijn de modellen het daar niet overal over eens. Voor het midden van Europa, waaronder Nederland, geven de modellen geen duidelijk signaal.
Afbeelding 2: Verandering in hoeveelheid neerslag tov 1991-2020 (in %) in de herfst bij 3 graden wereldwijde opwarming. Gestreepte gebieden: weinig overeenstemming tussen de modellen. Bron: atlas.climate.copernicus.eu/atlas
In Nederland verliep de herfst tot de eerste stormen zich aankondigden vrij rustig. Eind oktober trok Austen over ons land. Austen kreeg zijn naam door de storm die hij in het zuidwesten van de Britse Eilanden veroorzaakte; bij ons bleef het bij harde tot stormachtige wind langs de kust. Direct daarop volgde Boelo, met op Vlieland windkracht 9: de eerste officiële storm van dit jaar. De invloed van klimaatverandering op het aantal stormen en de sterkte van stormen is klein, wel kan er meer regen uit vallen. Uit onze analyse van Austen blijkt dat de neerslag uit zo’n storm met ongeveer 10% per graad opwarming toeneemt. Ook de zwaarste windstoten kunnen in een warmer klimaat toenemen.
Veel extreem weer zagen we in het zuiden van Europa. In september zorgde zware regen en hagel voor overstromingen in de regio’s rondom Barcelona en Valencia. In oktober werd de regio opnieuw getroffen door noodweer door storm Adam. Adam trok vervolgens over het zuiden van Frankrijk en Corsica en zorgde daar ook voor veel overlast en overstromingen.
Zware regens zorgden deze herfst al voor overstromingen in het zuiden van Europa
Storm Adam was een zogeheten DANA, een situatie waarbij een lagedrukgebied afgesnoerd wordt van de straalstroom en lang op dezelfde plek blijft hangen. In Pego in de regio Alicante viel volgens voorlopige metingen ruim 600 millimeter neerslag in anderhalve dag, waarvan 465 millimeter op één dag (ter vergelijking: in Nederland valt in een heel jaar gemiddeld ongeveer 850 millimeter). In oktober 2024 zorgde een vergelijkbare situatie voor rampzalige overstromingen in Valencia.
Extreme neerslag neemt toe door klimaatverandering
Door klimaatverandering valt er meer regen uit dit soort weersystemen. Een attributiestudie van World Weather Attribution naar de overstromingen in 2024 gaf aan dat de intensiteit van dit soort extreme dagneerslag met 12 procent is toegenomen en dat zulke neerslaghoeveelheden nu ongeveer 2 keer zo vaak voorkomen als in het pre-industriële klimaat, dat ongeveer 1,3 °C koeler was.
Ook het westen van Turkije had te maken met extreme neerslag in oktober, onder meer in Istanbul. Eveneens was hier een afgesnoerd lagedrukgebied de oorzaak. Een snelle klimaatanalyse van ClimaMeter geeft aan dat bij weerspatronen zoals deze de neerslag nu (1988-2025) ongeveer 7 procent hoger is, de wind ongeveer 9 procent sterker en de temperaturen tot 1,5°C hoger dan in de periode 1950-1987. Volgens ClimaMeter speelt naast klimaatverandering ook natuurlijke variabiliteit een rol, en is de toename van de neerslag boven Istanbul zelf niet significant.
Een belangrijke bijdrage aan het extreme weer in het Middellandse Zeegebied zijn de temperaturen van het zeewater. Na de zeer warme zomer van 2026 ligt de temperatuur langs de kusten van een groot deel van Europa nog ruim boven het langjarig gemiddelde (afbeelding 3). Vooral in het westen van de Middellandse Zee is het water 2 tot 4 graden warmer dan normaal. Rond Turkije is de afwijking veel kleiner. Als het zeewater warm is kan er meer water verdampen, wat vervolgens als extra neerslag naar beneden kan vallen.
Afbeelding 3. Afwijking in zeewatertemperatuur op 2 november 2026 ten opzichte van het gemiddelde over 1991-2020. Bron: https://pulse.climate.copernicus.eu/
Ook voor de Nederlandse kust is het zeewater nog steeds warmer dan gebruikelijk. Hierdoor kunnen regengebieden die de komende tijd vanaf de Noordzee komen meer neerslag brengen dan gebruikelijk.
Op dit moment is er een sterke El Niño in de Grote Oceaan. Volgens de Amerikaanse NOAA wordt deze de komende maanden nog sterker, mogelijk zelfs de sterkste sinds 1950. El Niño heeft weinig invloed op het weer in Europa. Alleen zien we in de herfst op het Iberisch Schiereiland, en in mindere mate rond Turkije, een verhoogde kans op meer regen (afbeelding 4).
Afbeelding 3. Neerslageffecten van El Niño in september-november: correlatie tussen de El Niño-index (relatieve Niño3.4) en de neerslag in de periode 1901-2025. Blauwe gebieden geven aan dat er gemiddeld bij El Niño meer neerslag valt en bij La Niña minder. Hoe dieper de kleur hoe sterker het effect. Bron: climexp.knmi.nl
Kortom, de herfst wordt overal in Europa warmer, natter in het noorden en droger in het zuiden. Het regent dus minder in het zuiden, maar als het regent, kan het wel harder regenen. Dat laten ook attributiestudies naar de overstromingen in Spanje zien.
Met een gemiddelde temperatuur van 12,1 °C in De Bilt tegen een langjarig gemiddelde van 10,9 °C ...
30 oktober 2026 - NieuwsberichtHet nieuwe WOW-NL-portaal is online! Heb je een eigen weerstation, meet je het weer met je school...
27 oktober 2026 - NieuwsberichtDe twee krachtige stormen Austen en Boelo die over Europa heen trokken afgelopen weekend leidden ...
26 oktober 2026 - KlimaatberichtDe laatste vergadering van het IPCC, het klimaatpanel van de Verenigde Naties, eindigde zonder be...
21 oktober 2026 - Klimaatbericht