fiesters trotseren de storm op de erasmusbrug in rotterdam
Foto: Tineke Dijkstra
Uitleg over

Naamgeving van stormen

Stormen waarvoor het KNMI een code oranje of rood voor windstoten uitgeeft, krijgen sinds 2019 een naam. In sommige gevallen kan een storm ook bij code geel een naam krijgen. Veelgestelde vragen over de naamgeving van stormen.

 

Waarom krijgen stormen een naam?

De helft van de Nederlanders (52%) is voorstander van naamgeving van een storm, boven het omschrijven van een storm zonder naam (30%). Dit blijkt uit recent onderzoek naar onze weerwaarschuwingen, al is het te vroeg om na één seizoen al conclusies te trekken. Uit onderzoek in Groot-Brittannië blijkt dat naamgeving van stormen het bewustzijn van gevaarlijk weer verhogen, een consistente boodschap aan het publiek geeft en mensen ertoe aanzet actie te ondernemen om schade en letsel te voorkomen. Het benoemen van stormen door het KNMI kan de communicatie van naderend gevaarlijk weer via de media en andere overheidsinstanties helpen. 

Waarom sluit het KNMI aan bij Groot-Brittannië en Ierland?

Vanuit EUMETNET, een netwerk van Europese Nationale Meteorologische Diensten, wordt een systeem ontwikkeld met stormnamen voor heel Europa. Momenteel is er een aantal groepen actief, waarbij steeds meer landen aansluiten. Het KNMI maakt deel uit van de westgroep, daarin werken de weerdiensten Met Office (Groot-Brittannië) en Met Éireann (Ierland) al langer samen. Wij hebben ons aangesloten bij de westgroep omdat in ons land de meeste stormen uit het westen komen.

Wanneer krijgt een storm een naam?

De criteria voor het benoemen van stormen is gebaseerd op een combinatie van zowel de impact die het weer kan hebben als de kans dat het weer optreedt. Een storm krijgt een naam bij een code oranje of code rood voor windstoten. In sommige gevallen kan een storm ook bij code geel een naam krijgen, bijvoorbeeld wanneer Groot-Brittannië of Ierland een storm een naam geeft die ook in Nederland tot onstuimig weer kan leiden of wanneer er een verwachting is van een mogelijke opschaling naar code oranje op een bepaald moment binnen code geel.

Waarom zijn er geen stormen met de letters Q, U, X, Y en Z?

Om te voldoen aan de internationale afspraken voor stormnamen van het National Hurricane Center, zijn er geen namen die beginnen met de letters Q, U, X, Y en Z. Dit zorgt voor consistentie voor de officiële naamgeving van stormen in de Atlantische Oceaan.

Hoe worden de namen gekozen?

In Groot-Brittannië en Ierland kan het publiek suggesties voor namen insturen. Daaruit zijn de populairste geselecteerd. In Nederland heeft het KNMI een lijst opgesteld. Van de namen van de drie landen is een definitieve lijst gemaakt.

Gaat het KNMI volgend jaar ook de samenleving bij de naamgeving betrekken?

In de toekomst kan het zijn dat wij ook het publiek bij de naamgeving van stormen gaan betrekken. Of en wanneer is nog niet duidelijk. We zullen na deze eerste twee stormseizoenen evalueren hoe de naamgeving van stormen is gegaan.

Waarom verschijnt er ieder jaar een nieuwe lijst met namen? 

De kans is klein dat de hele lijst met namen gebruikt wordt. Toch verschijnt elk jaar in september - aan het begin van het stormseizoen - een nieuwe namenlijst. Hiermee voldoen we aan de internationale standaard van de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO). Er zijn zes centra over de wereld die storm/orkaan namen monitoren. Het National Hurricane Center, waarmee het KNMI samenwerkt, doet dit voor de Atlantische Oceaan en een klein deel van de Grote Oceaan. Daarnaast kan het zijn dat in de toekomst de verschillende groepen in Europa worden uitgebreid en dat houdt in dat het gebied waarin stormen kunnen voorkomen groter wordt en er dus meer namen gebruikt kunnen worden. 

Hoe vaak komen stormen voor? 

In Nederland komen stormen een paar keer per jaar voor. Vorig stormseizoen 2019-2020 kreeg in Nederland één storm een naam: Ciara, op 9 februari 2020. Dit was de eerste storm die in ons land een naam kreeg. Het kan ook zijn dat een storm in Groot-Brittannië of Ierland een naam krijgt, maar ons land niet bereikt of hier niet tot een waarschuwing leidt. 

Krijgen we steeds meer stormen in Nederland?

Klimaatmodellen laten geen toename zien in winterstormen, de waarnemingen laten een afname zien boven het binnenland. Een mogelijke oorzaak is de verruwing van het landschap: meer gebouwen en bossen remmen de wind af. De hoogte van stormvloeden neemt wel toe: de wind boven zee heeft geen trend maar de zeespiegel stijgt. 

Hoe zit het met orkanen die uiteindelijk als storm ons land bereiken?

Als een storm een overblijfsel is van een tropische storm of orkaan die de Atlantische Oceaan is overgestoken, verwijzen wij naar deze storm als bijvoorbeeld ‘ex-orkaan X’. Dit doen we om verwarring over naamgeving te voorkomen. 

Hoe zit het met namen van stormen in de rest van Europa?

Het KNMI neemt sinds september 2019 deel aan een samenwerkingsverband van EUMETNET waarbij stormen een naam krijgen. Momenteel zijn er twee actieve groepen in Europa, de west- en zuidwestgroep. Nederland (KNMI) maakt samen met Groot-Brittannië (Met Office) en Ierland (Met Éireann) deel uit van de westgroep. Omdat in ons land de meeste stormen uit het westen komen. De zuidwestgroep wordt gevormd door Frankrijk, Spanje en Portugal. Op dit moment wordt er ook een zuidoostgroep rond de Middellandse Zee ontwikkeld. Ieder blok heeft zijn eigen namenlijst, maar als de storm zich van het ene naar het andere gebied verplaatst behoudt deze zijn eerst gegeven naam. Duitsland behoort niet tot een groep, zij hebben een commercieel systeem voor stormnaamgeving.

Hoe is stormseizoen 2019-2020, in Nederland het eerste seizoen met namen, verlopen?

In februari 2020 was de wind bovengemiddeld sterk. Doordat op grote hoogte een sterke straalstroom aanwezig was, was het een komen en gaan van lagedrukgebieden in onze regio. Eén keer gaven we een code oranje uit voor (zeer) zware windstoten: op 9 februari 2020 trok storm Ciara over ons land. Dit was de eerste storm in Nederland die een naam kreeg. 

In het vorige stormseizoen kwamen we tot de letter F. De stormen Atiyah, Brendan en Ellen bereikten Nederland niet. Storm Dennis (16 februari, een week na Ciara) en Francis (25 en 26 augustus) zorgde hier wel voor zware windstoten, maar daarvoor gaven we geen code oranje uit. 

Na evaluatie van het eerste stormseizoen hebben we de drempel voor naamgeving verlaagd. Een storm kan in sommige gevallen ook een naam krijgen bij code geel.

Waarom was in 2020 Ciara de eerste storm en niet Atiyah, de eerste naam op de lijst?

Het land dat de storm het eerst bereikt, geeft de storm een naam. Omdat de namenlijst in Groot-Brittannië, Ierland en Nederland gebruikt wordt, kan het zijn dat – in dit geval van Atiyah - Ierland een storm een naam geeft en die storm Nederland niet bereikt of hier niet tot een waarschuwing leidt.

Welke namen heeft Nederland in stormseizoen 2020-2021 ingebracht?

De eerste naam die is ingebracht door Nederland is Christoph, vernoemd naar Christophorus Buys Ballot, de oprichter van het KNMI. Met de namen Evert en Minne eren we twee Elfstedentochtwinnaars. Evert van Benthem won de tocht in 1985 en 1986 en Minne Hoekstra was de winnaar van de eerste Elfstedentocht in 1909. Klaas refereert naar Klaas Rienk Postma, een van de KNMI-meteorologen tijdens de Watersnoodramp. 

Andere namen die Nederland heeft ingebracht zijn Fleur en Julia. Naast de inbreng per land zijn gezamenlijk, door de drie landen, de namen Lilah, Naia en Ravi in de lijst opgenomen. 

Stormseizoen 2019-2020

Storm Datum Waarschuwing
Ciara 9 februari 2020 Code oranje in het hele land

 

Stormseizoen 2020-2021

Storm Datum Waarschuwing
Odette (overgenomen vanuit het zuidwestgroep) 25 september 2020 Code geel in Zeeland en Zuid-Holland

 

lijst met stormnamen voor seizoen 2020-2021
Stormnamen 2020-2021
Niet gevonden wat u zocht? Zoek in alle uitleg over